Het Groot Begijnhof

Informatie

Het Groot Begijnhof van Leuven, ook bekend als Begijnhof Ten Hove, is een gaaf bewaarde, en volledig gerestaureerde historische wijk van een tiental straten in het zuiden van de binnenstad, gelegen aan de Schapenstraat, niet ver van de Naamsepoort. Het is een van de grootste nog bestaande begijnhoven in Vlaanderen , met een bebouwde oppervlakte van ongeveer 3 ha. De Dijle stroomt dwars door het hof en splitst er in twee armen (plus een verbindingsslootje), waarover in totaal drie bruggen liggen.

Architectuur

Het Groot Begijnhof van Leuven heeft het uitzicht van een “ministad-in-de-stad”. Het is een typisch stadsbegijnhof. Dat wil zeggen dat de huizen gegroepeerd zijn langsheen straten, en niet rondom een plein zoals in een pleinbegijnhof, of rondom een dominant plein met een of enkele achterafstraatjes zoals in begijnhoven van het gemengde type. De pleinen die in het Begijnhof voorkomen zijn veeleer gegroeid vanuit het bouw- en afbraakproces van huizen in plaats van omgekeerd.

Groot Begijnhof Leuven

De naam van de wijk waar het begijnhof zich situeert, Ten Hove, en de oude naam voor het gedeelte op de linkeroever van de Dijle (Aborg = Oude Burcht) lijken te wijzen op een oudere bewoning, misschien het hof van de eerste graven van Leuven. Op deze plek zou dan ook de slag bij Leuven uitgevochten zijn in 891, waarbij de Vikingen verslagen werden door Arnulf van Karinthië. Van deze bewoning werd nooit een spoor gevonden, zodat sommige auteurs de hypothese (op basis van verschillende argumenten) in twijfel trekken..

Geschiedenis

Als gemeenschap voor ongehuwde, semi-religieuze vrouwen ontstond dit begijnhof in de vroege 13e eeuw. De oudste geschreven documenten dateren uit 1232. Een Latijns opschrift aan de kerk vermeldt 1234 als stichtingsdatum. Vermoedelijk is de gemeenschap enkele decennia ouder. Molanus en Justus Lipsius vermelden 1205 als stichtingsdatum.

Net als de andere begijnhoven in Vlaanderen kende het begijnhof een eerste bloei in de 13e eeuw, en een moeilijke periode ten tijde van de godsdiensttwisten in de 16e eeuw. Een van de pastoors van dit Begijnhof, in 1490, was Adriaan Florensz. Boeyens van Utrecht, geestelijk raadsman van de jonge Keizer Karel V en vooral bekend als latere paus Adrianus VI.